Inwoners noorden en oosten beginnen te wennen aan ‘nieuwe normaal’

Mensen uit het noorden en het oosten zijn vergeleken met april van dit jaar minder negatief over de coronacrisis en de maatregelen. Dit blijkt uit onderzoek van Onderzoeksbureau Kien, in opdracht van RTV Oost, Omrop Fryslân, RTV Drenthe en RTV Noord. 70 procent zegt de maatregelen vol te kunnen houden totdat er een vaccin is.

Hoewel ze er minder negatief over zijn, vinden mensen de huidige periode wel degelijk zwaar. Ze zijn eenzamer en bezorgder dan voor de crisis, maar minder ernstig dan in het begin van de 'intelligente lockdown'. Dat is terug te zien in hoe ze denken over financiën, over thuisblijven en over sociale contacten.

Geld en baan

De zorgen die mensen hebben over geld en hun baan bestaan nog steeds, maar zijn wel minder geworden. Ook hebben minder mensen moeite met zoveel mogelijk thuisblijven. En hoewel nog steeds de helft aangeeft sociale contacten te missen, is ook dit wat minder dan in april. Toen ging het om zeven op de tien.

Dat mensen de crisis nog steeds lastig vinden is ook de conclusie van Susanne Scheibe, psycholoog van de Rijksuniversiteit in Groningen. Zij keek op verzoek van de omroepen naar de onderzoeksresultaten.

De coronacrisis heeft een negatieve impact
psycholoog Susanne Scheibe

Schreibe: "We zien dat de coronacrisis nog steeds een heel duidelijke negatieve impact heeft. Maar de cijfers zijn minder negatief dan in april. Men ervaart wel een verslechtering in welzijn als je de huidige beleving vergelijkt met de periode voor de crisis."

Vertrouwen in zorgsysteem

Uit de peiling blijkt eveneens dat mensen uit Overijssel, Drenthe, Groningen en Friesland vertrouwen houden in de gezondheidszorg. Ondanks de oplaaiende discussie over het testbeleid en de aanwezige twijfel of ziekenhuizen klaar zijn voor een nieuwe stroom coronapatiënten. Ruim tachtig procent geeft aan dat ze verwachten goed te worden geholpen in het zorgsysteem als ze coronaklachten hebben.

Inperking vrijheden

De felle discussies over de inperking van vrijheden lijkt in het noorden en het oosten niet breed ondersteund te worden. De mensen hier voelen zich minder beperkt in hun bewegingsvrijheid dan in de beginperiode.

Psycholoog Scheibe heeft daar wel een verklaring voor: "Mensen zijn de laatste tijd steeds meer in beweging. Ze zijn niet meer zo beperkt in de vrijetijdsbesteding als aan het begin. Ook hebben ze nieuwe dagelijkse routines opgebouwd. Om die redenen zijn de beperkingen makkelijker vol te houden."

Soort shock

Volgens Scheibe wennen mensen steeds meer aan de huidige situatie. "Aan het begin van de crisis was alles natuurlijk nieuw en onzeker. Toen zag je dat mensen in een soort shock waren. Daarna volgt een fase van weerstand. Dan willen mensen terug naar de oude situatie."

Volgens haar is dat vaker zo wanneer mensen heftige dingen meemaken. "Uiteindelijk kom je in de acceptatiemodus. Je bent aan de situatie gewend. De beperkingen zijn bovendien minder streng dan in april, wat maakt dat ze makkelijker vol te houden zijn."

Dit strookt met de antwoorden die mensen uit het noorden en oosten hierover geven, want zeventig procent zegt de huidige maatregelen vol te kunnen houden totdat er een vaccin is.

Minder zorgen over anderen

Overigens valt nog iets anders op. Sinds de coronacrisis zijn we ons namelijk minder zorgen gaan maken om anderen. Of, zoals Scheibe het noemt, "we zijn selectiever geworden in over wie we ons zorgen maken." Want waar het deel dat zich zorgen maakt om ouders en grootouders gelijk is gebleven, maken mensen zich in verhouding minder zorgen over hun partner, kinderen, vrienden en collega’s.

Meer over dit onderwerp:
CORONACRISIS CORONAVIRUS CORONAMAATREGELEN
Deel dit artikel: