Kwart van de Overijsselaars vindt dat zijn werkgever onvoldoende coronamaatregelen treft

Speciale looproutes, minder mensen op de werkvloer, genoeg afstand tussen de bureaus: volgens ruim 28 procent van de werkende Overijsselaars is dat niet de realiteit. Dat blijkt uit onderzoek van LocalFocus, uitgevoerd in samenwerking met Kieskompas.

Onze provincie voert daarmee de lijst aan, want nergens anders in Nederland is de ontevreden groep zo groot. Zeeland volgt met 25,7 procent van de ondervraagden en de provincie Utrecht staat op plek drie met 25,4 procent.

In Zeeland is de groep thuiswerkers ook het kleinst (4,1 procent), terwijl die groep in Utrecht met 19,5 procent bijna de grootste is, op Noord-Holland (20,2 procent) na. In Overijssel werkt slechts 5,5 procent van de ondervraagden thuis.

Confrontatie

Het relatief lage percentage thuiswerkers in Overijssel en Zeeland verklaart voor een deel waarom het aantal klachten over de omstandigheden op de werkvloer zo hoog is. Het gros van de ondervraagden werkt dus nog steeds op kantoor of locatie en wordt daar regelmatig geconfronteerd met de maatregelen die zijn werkgever al dan niet getroffen heeft.

Ingrijpen

Het groeiende aantal besmettingen is voor het Kabinet reden om de teugels weer strakker aan te halen. Zo moet thuiswerken weer de norm zijn en kunnen bedrijven zelfs gesloten worden als er serieuze besmettingen plaatsvinden.

Volgens de meest recente RIVM-cijfers groeit de groep mensen die op het werk besmet raakt. Het meldpunt van de Inspectie SZW, de voormalige arbeidsinspectie, kreeg sinds het begin v an de corona-uitbraak ruim 3.500 klachten over een 'ongezonde' of 'onveilige werksituatie' op kantoor. De meerderheid van deze klachten ging volgens De Volkskrant over situaties waarbij de anderhalve meter niet zou worden gewaarborgd, of waarbij zieke collega's gewoon aan het werk zouden zijn.

Deel dit artikel: