Personeel van grasmaaierfabrikant Roberine in Enschede gaat actievoeren voor betere ontslagvergoeding

Het personeel van grasmaaierfabrikant Roberine in Enschede gaat actievoeren, nu directie en FNV het niet eens zijn geworden over een sociaal plan. Bedrijfseigenaar Dutch Power Company (DPC) gaat het werk verhuizen naar het Brabantse Giessen; medewerkers zijn het niet eens met de geboden ontslagvergoeding.

DPC gaat het werk verhuizen naar het Brabantse Giessen, omdat het daar meer bedrijven heeft. Maar meer dan de helft van de werknemers van Roberine is boven de vijftig. En omdat Giessen zo'n twee uur rijden verderop ligt, is meeverhuizen geen reële optie.

De sluiting van het bedrijf in Enschede werd begin september aangekondigd en het is niet gelukt om met eigenaar DPC tot een aanvaardbaar sociaal plan te komen. Het personeel komt morgenochtend bij elkaar om te bespreken wat de aangekondigde acties zullen inhouden. Dat kan variëren van werkonderbrekingen tot staking.

Oud Enschedees merk

Roberine werd 69 jaar geleden, in 1951, opgericht door familie Robers. In 2003 nam de Amerikaanse gigant John Deere de fabriek aan de Goolkatenweg over en verdween het merk uit de markt. Roberine produceerde toen alleen nog onder de naam John Deere.

Votex uit Giessen kocht Roberine, inclusief de naam, vijf jaar geleden terug van John Deere. De maaiers van Roberine worden onder meer gebruikt voor het maaien in (gemeentelijke) plantsoenen, bermen en taluds.

Wall Street-genoteerd

Votex werd enkele jaren geleden onderdeel van de Dutch Power Company, en die is op haar beurt weer onderdeel van de aan Wall Street genoteerde Britse Alamo Group, eveneens producent van professionele grasmaaiers.

Binnen Alamo stelt DPC niet veel voor. Alamo telt 4300 medewerkers en heeft een jaaromzet van 1,2 miljard euro. Dutch Power Company zet ‘slechts’ 40 miljoen om en telt circa 180 medewerkers. Daarvan werken er dus 44 in Enschede, bij Roberine.

FNV: zien noodzaak niet

De verplaatsing van de werkzaamheden houdt volgens vakbondsbestuurder Agnes van der Schuur verband met het streven naar ‘maximalisatie van de winst’. "Wij, en ook de ondernemingsraad, zien de noodzaak niet. Het is alleen omdat de aandeelhouders er meer aan overhouden, een andere reden is er niet."

Volgens de directie is het pand in Enschede duur en kan er in Giessen efficiënter gewerkt worden. Het is de bedoeling de productie gefaseerd te verhuizen.

Meer over dit onderwerp:
ONDERNEMEND OVERIJSSEL
Deel dit artikel: