Nationale Tuinvogeltelling; vanwege corona dit weekeinde recordaantal deelnemers verwacht

Door de coronacrisis heeft Nederland tijd over en zijn we massaal aan het 'vogelen' geslagen. Voor de Nationale Tuinvogeltelling, waarvan komend weekeinde de achttiende editie wordt gehouden, wordt een recordaantal deelnemers verwacht. Was er vorig jaar met 90.000 deelnemers al sprake van een absoluut record, voor zaterdag en zondag hebben zich nu al ruim 107.000 mensen ingeschreven. Terwijl de ervaring leert dat dit aantal in het weekeinde van de telling nog verder kan oplopen.

Dat Nederland het 'vogelen' heeft ontdekt in coronatijd blijkt onmiskenbaar uit de cijfers van de twee cursussen die Vogelbescherming Nederland sinds enkele jaren organiseert.

Alle records gebroken

Onder invloed van corona worden momenteel alle records gebroken. Zo houdt de Vogelbescherming sinds 2018 de cursus 'tuinvogels leren herkennen'. Begin 2020 hadden zich hiervoor 45.000 deelnemers ingeschreven, afgelopen jaar explodeerde dit aantal naar 75.000. Daarnaast is er sinds 2017 de cursus 'vogels van Nederland'. Begin 2020 stonden hier 36.000 deelnemers ingeschreven, op dit moment staat de teller op 66.000.

'Corona als lichtpuntje'

Marc Scheurkogel, woordvoerder van Vogelbescherming Nederland, benadrukt dat de huidige coronapandemie in de eerste plaats voor alles en iedereen vreselijk is. "Voor ons is dan nog een klein lichtpuntje dat Nederland nu massaal van de vogels geniet."

De Vogelbescherming gaat voor de Nationale Tuinvogeltelling van komend weekeinde uit van een nieuw record als het gaat om het aantal deelnemers. "Er hebben zich 107.000 mensen via voorinschrijving aangemeld. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat iedereen daadwerkelijk meedoet, maar anderzijds kunnen mensen dit weekeinde ook spontaan aan het tellen slaan. Voorinschrijving is niet verplicht."

Stuivertje wisselen

Uitgangspunt is dat de deelnemers een half uur lang bijhouden welke vogels er in hun tuin te zien zijn. Daarbij is het - als het om de toppositie gaat - vaak stuivertje wisselen tussen de huismus en de koolmees: "Vaak afhankelijk van onder meer regio of provincie", aldus Scheurkogel.

In Overijssel deden vorig jaar 5.798 mensen mee aan de telling. Daarbij werden ruim 110.000 vogels geturfd. "Hoewel die vogeltelling voor ons erg belangrijk is, doen de absolute aantallen er voor ons wat minder toe", aldus zegsman Scheurkogel. "Onder meer omdat externe factoren als het weer van grote invloed kunnen zijn op die getallen. Je kunt je voorstellen dat, wanneer er bijvoorbeeld sneeuw ligt, het eenvoudiger is vogels naar een tuin te lokken."

Tendensen signaleren

De telling is volgens woordvoerder Scheurkogel echter in de eerste plaats van belang om bepaalde tendensen te kunnen signaleren. Zo loopt het aantal merels sinds enkele jaren drastisch terug (vorig jaar min 15 procent) door toedoen van het usutuvirus.

Daartegenover staat de opmars van een aantal 'vreemde vogels'. Zo duikt de grote bonte specht steeds vaker in tuinen op en is er de invasie van de halsbandparkiet. Een exoot die van oudsher niet in Nederland voorkomt en vaak als lawaaipapegaai wordt afgeschilderd. Die populatie groeit volgens de woordvoerder met name in de Randstad als kool. "In Overijssel zal je die niet zo snel aantreffen."

Liefde gaat door de maag

Zoals wel vaker gaat ook bij vogels de liefde door de maag. Vandaar dat de Vogelbescherming deelnemers aan de telling vooraf heeft opgeroepen de diertjes te lokken met onder meer vetbollen en zadensilo's. "Dat kan ook enkele dagen voor de telling nog. Vogels hebben vaak heel snel in de smiezen waar er wat te halen valt. Maar we dringen er bij vogelliefhebbers vooral op aan om structurele maatregelen te treffen; dat ze hun tuin groen inrichten. Dat zorgt ook op de langere termijn voor meer vogels in je tuin."

Op zondagavond maakt de Vogelbescherming traditioneel de balans op. Hier zijn de resultaten en top tien van vorig jaar te zien.

Meer over dit onderwerp:
NATUUR HENGELO ZWOLLE
Deel dit artikel: