UT ontwikkelt 'vloeibare pleister' die helpt bij artrose

De Universiteit Twente (UT) in Enschede doet onderzoek naar 'vloeibare pleisters' die kunnen helpen bij de aanpak van artrose. Het onderzoek wordt geleid door de UT-onderzoeker Karperien, die vandaag als nieuw aangestelde hoogleraar zijn zogeheten intreerede over het onderwerp houdt.

Karperien werkt aan een methode waarbij biomateriaal met stam- en kraakbeencellen van de patiënt zelf in een door artrose aangetast gewricht wordt ingespoten. Bij artrose verslechtert of verdwijnt het kraakbeen in gewrichten. De injecteerbare pleister vult de plek op waar het kraakbeen verdwenen is en zorgt ervoor dat het kraakbeen zichzelf kan herstellen. Na verloop van tijd, als het kraakbeen is hersteld, breekt het lichaam het ingespoten biomateriaal af.

 

Dertig procent van de Nederlanders krijgt volgens de UT in zijn leven te kampen met artrose. Artrose is een typische ouderdomsziekte. Daarnaast is er een groeiende groep mensen die, bijvoorbeeld als gevolg van een sportblessure zoals het scheuren van de kruisbanden of de meniscus, reeds op jonge leeftijd te maken krijgen met de beperkingen die artrose hen oplegt. Er is op dit moment nog geen methode om de ziekte te genezen; behandeling is momenteel vooral gericht op pijnbestrijding. Een deel van de patiënten krijgt momenteel een kunstgewricht.

Meer over dit onderwerp:
Nieuws
Deel dit artikel:

Reageren