IJsselmeertraining vuurdoop voor Zwolse Oceaanroeiers; boot dreigde stuk te slaan aan lager wal

Een afgebroken generale training op het IJsselmeer door schade aan de boot. Twee weken voor vertrek sloeg de stress in alle hevigheid toe bij de Zwolse roeiers Aidan Scherpbier en Tristan Sim, die op 12 december beginnen aan hun monstertocht over de Atlantische Oceaan. Voor de kust van Urk ging het mis toen de oceaanroeiboot aan de grond liep, het zwaard omhoog klapte en het roer afbrak. “Heel even zag ik onze droom, waaraan we al vier jaar werken, uiteenspatten”, blikt Scherpbier terug.

“We zouden samen met onze trainers van defensie in zestig uur tijd rond het IJsselmeer roeien. Tijdens de tocht moesten we allerlei pittige opdrachten en testen doen. We zijn in Medemblik gestart en met een mountainbike naar Den Oever gefietst, waar we een snelcursus verpleegkunde aan boord kregen van defensie. Belangrijk, want je bent in medisch opzicht op de oceaan op elkaar aangewezen."

"Vervolgens gingen we terug naar Medemblik, waar we met de boot zijn vertrokken”, vertelt Scherpbier. Een roeitocht die de generale repetitie vormde voor de roeirace van 5000 kilometer over de Atlantische Oceaan. Maar het werd een tocht die helaas halverwege noodgedwongen moest worden afgebroken, omdat de roeiers tijdens slecht weer met harde wind voor de haven van Urk met de boot in ondiep water terecht kwamen en in problemen raakten.”

Stress

“Door de harde wind konden we niet genoeg vaart maken om van de ondiepte aan lager wal weg te blijven", zegt Scherpbier. "Toen we ineens een harde klap hoorden was het mis. Het zwaard van de boot, dat zo’n 70 centimeter diep steekt, schoot met een klap omhoog en ook het roer werd ontzet en is deels afgebroken. Dan denk je shit en word je onrustig, want je hebt geen idee hoe groot de schade aan de boot op dat moment is. Dan borrelt de adrenaline omhoog en slaat de stress toe, want schade aan de boot, een paar weken voor vertrek, dat wil je natuurlijk niet.”

Door de harde wind konden we niet genoeg vaart maken om van lager wal weg te blijven, het leverde schade aan de boor en een stressvolle situatie op
Aidan Scherpbier

"Toch was het een situatie die voor ons heel leerzaam is geweest. Door goed met elkaar te blijven communiceren en een flinke krachtinspanning is het ons uiteindelijk gelukt om van de lager wal weg te roeien."

Schade

We zijn toen terug gegaan naar de haven om de boot eruit halen en de schade te inspecteren. Het roer was beschadigd en afgebroken en de onderkant van de boot had behoorlijke wat schade maar gelukkig heeft de boot, in de dubbele carbon wand, geen water gemaakt."

“Het was een stressvolle ervaring die voor de nodige emoties en tranen heeft gezorgd. Mede door de vermoeidheid zaten we na afloop even helemaal stuk", zegt Scherpbier.

Opgeven geen optie

Jan Versnel militair en trainer bij de Koninklijke landmacht, die de training voor de mannen mede organiseerde zegt daarover: "We hebben toen op de jongens ingepraat om ondanks de tegenslag toch door te gaan. Voor ons is opgeven in zo’n situatie geen optie. Als het materiaal stuk gaat, dan komt er wel weer nieuw materiaal, maar de oefening gaat bij defensie altijd door. Maar ik begrijp wel dat dat de roeiers op dat moment een andere keus hebben gemaakt. Ze wilden de boot een paar weken voor vertrek begrijpelijkerwijs heel houden, en dus was het halverwege einde oefening."

Oceaanroeier liep schade aan het roer op (Foto: Marielle Beumer)
Oceaanroeier liep schade aan het roer op (Foto: Marielle Beumer)

Opgeven geen optie

Dat klopt, zegt Scherpbier. “Als de boot verder stuk was gegaan, was voor ons vier jaar aan voorbereiding helemaal voor niets geweest." Hij legt uit dat die gedachte door het hoofd speelde, toen besloten werd om te stoppen. "Doorgaan was voor ons geen optie meer omdat we nog een heel stuk langs lager wal moesten roeien. Ik heb toen samen met Tristan besloten om de oefening af te breken."

Op de vraag of dat verstandig was , omdat ze deze situatie straks ook op de oceaan kunnen tegenkomen en moeten oplossen geeft hij als antwoord: "Op de oceaan kun je, omdat er verder niets om je heen en veel ruimte is, wel een tijdje stuurloos rond dobberen om bijvoorbeeld een noodroer aan te brengen. Maar het IJsselmeer is daarvoor te klein. Je ligt binnen no time aan lager wal en dan slaat de boot kapot. Op de oceaan zouden we het kapotte roer laten zinken en het noodroer met touwen achter de boot spannen. Dan kun je daarna niet meer op de automatische piloot maar nog wel handmatig verder sturen. Maar die reparatie was op het IJsselmeer onder de gegeven omstandigheden geen optie.”

Andere mindset

“Voor ons was het heel houden van de boot op dat moment het belangrijkste. De jongens van defensie hebben in dat opzicht toch een andere mindset", zegt Scherpbier. "Die waren van mening dat we door moesten, dat is denk ik het verschil tussen burger en militair. Die denken, fuck de tank is stuk, maar er komt wel weer een nieuwe tank, we gaan door."

Voor de Zwolse oceaanroeiers was die gedachte op dat moment een brug te ver. Maar ze hebben wel ervaren dat ze onder stress als team goed functioneren. "In zo’n situatie kun je namelijk op drie manieren reageren, vluchten, bevriezen of je komt als mens en team in actie. We hebben ervaren dat we in de laatste modus terecht komen en dat is goed.”

Tiptop in orde

Scherpbier kijkt achteraf dus positief terug op de hachelijke ervaring op het IJsselmeer. De beschadigde boot hebben de roeiers de dag erna naar België gebracht, waar botenbouwer Koen de Gazelle de schade in een paar dagen tijd verholpen heeft, zodat hij weer tiptop in orde is voor de Atlantische roeirace.

Bovendien hebben de roeiers gedurende de eerste dertig uur van de IJsselmeertocht ervaren wat het is om zonder slaap door te roeien, hoe je moet navigeren en hoe je via de satelliet telefoon efficiënt communiceert met de vaste wal en reddingsdiensten. Ook de oefening met de Koninklijke Nederlandse Redding Maatschappij, de KNRM, is als heel zinvol ervaren.

Reddingsoperatie KNRM leerzaam

"We moesten midden op het IJsselmeer onder begeleiding van de reddingsdienst een oefening doen waarbij we uit de boot moesten springen in het ijskoude IJsselmeerwater om vervolgens in het uitgegooide reddingsvlot te klimmen", vertelt Scherpbier.

Daarbij moesten de roeiers tal van veiligheidshandelingen doorlopen. Voorbeelden daarvan zijn het doorsnijden van de veiligheidslijnen waarmee de roeiers op de oceaan vast zitten aan de boot. Maar ook het afsteken van noodfakkels en het meenemen van water en de aan boord klaar staande “grabbag”, met voedsel en medicijnen tegen zeeziekte. Scherpbier: "Belangrijk want met die spullen kunnen we ons in geval van nood een aantal dagen redden op zee in het reddingsvlot."

Niet snel hulp in noodsituatie

Want in een noodsituatie op de oceaan is er niet gelijk een hulpdienst in de buurt. Er vaart een zeilschip met aan boord een arts van de organisatie mee, maar het kan best een aantal dagen duren voordat die ter plekke is om te helpen. Daarnaast is het zo dat ieder schip, dat op dat moment in de buurt is, hulp moet bieden. Dat kan variëren van vrachtschepen, patrouilleschepen tot aan andere roeiers die deelnemen aan de Atlantic Challenge en op dat moment in de buurt zijn.

"In noodsituaties moet je durven vertrouwen op de mensen die je helpen en niet met ze in discussie gaan, want ze weten wel wat ze doen."
Aidan Scherpbier

“De reddingsoefening was pittig maar voor ons als team enorm leerzaam", vertelt Scherpbier. "We hadden natuurlijk al een keer in het zwembad geoefend, maar buiten in een nagebootste calamiteitensituatie is het toch anders. We hopen het niet, maar als het moet weten we straks op de oceaan hoe we moeten handelen in nood." Hij vervolgt: “Het belangrijkste wat we daarbij geleerd hebben is, vertrouw op de mensen die je helpen. Ga tijdens een reddingspoging niet in discussie met hulpverleners. Volg de instructies op, want zij zijn ervoor getraind en weten hoe het moet.”

De roeiers in actie bij de reddingsoefening met de KNRM (Foto: Jan Versnel Defensie)
De roeiers in actie bij de reddingsoefening met de KNRM (Foto: Jan Versnel Defensie)

De Zwolse roeier besluit zijn verhaal over het spannende avontuur op het IJsselmeer met de opmerking dat ze klaar zijn voor de oceaantocht. Op 28 november vertrekken de twee Zwolse docenten als team Migaloo per vliegtuig naar de Canarische Eilanden, de boot is al op transport in een zeecontainer. Op 12 december start de roeirace over de Atlantische Oceaan, die naar verwachting tussen de 40 en 60 dagen zal gaan duren.

"Mede dankzij de intensieve trainingen van defensie zijn we heel goed voorbereid op de oceaanoversteek. We hebben in de voorbereiding meer gedaan dan noodzakelijk is voor de organisatie. Er zijn denk ik maar weinig teams die meedoen, die dit allemaal gedaan hebben", zegt Scherpbier. "We zijn er klaar voor en ons hoofddoel is en blijft om straks als vrienden veilig de overkant van de oceaan te bereiken."

RTV Oost volgt de twee Zwolse roeiers, die onder de naam Team Migaloo meedoen aan de Atlantic Challenge 2021, voor en tijdens de oceaan-roeirace. Bekijk de eerdere verhalen in de online special.

Volg de Zwolse roeiers en hun Atlantic Challenge in onze online special (Foto: Bewerking RTV Oost)
Volg de Zwolse roeiers en hun Atlantic Challenge in onze online special (Foto: Bewerking RTV Oost)

Heb je een nieuwstip of nieuwe informatie? Tip de redactie via een WhatsApp-bericht: 06 - 57 03 33 33.
Deel dit artikel: