Sanderink moet enorm bedrag van bijna twee miljoen betalen aan ex-vriendin en zakenpartner Van Egten

De Almelose zakenman Gerard Sanderink moet opnieuw diep in de buidel tasten om zijn ex-vriendin en zakenpartner Brigitte van Egten uit Enschede genoegdoening te verlenen. De voorzieningenrechter heeft bepaald dat Sanderink bijna twee miljoen euro moet betalen aan dwangsommen. Ondanks een verbod van de rechter is Sanderink doorgegaan met het te grabbel gooien van de goede naam en reputatie van Van Egten.

Van Egten heeft bij de rechtbank in Den Haag een bedrag van 4.610.000,00 euro geëist. Deze claim is opgebouwd uit diverse dwangsommen, vastgesteld door de rechter in vijf verschillende vonnissen in de afgelopen twee jaar. Het komt er volgens Van Egten op neer dat Sanderink de hem opgelegde verboden in deze vonnissen aan zijn laars lapt en doorgaat met het verspreiden van laster en smaad, die haar reputatie ernstige schade toebrengt.

Sanderink betaalde al 840.000 euro

De rechter wijst Van Egten slechts een deel van haar claim toe, omdat niet al haar vorderingen gerechtvaardigd zijn. Maar het gaat nog altijd om een recordbedrag van 1.960.000,00, dat Sanderink moet betalen. Dat geld komt bovenop de 840.000 euro die Sanderink eerder aan zijn voormalige zakenpartner moest uitkeren, en overigens ook al heeft betaald.

Het geschil tussen Sanderink en Van Egten kent intussen een lange geschiedenis van dwangsommenprocedures, die beide partijen over en hen weer voor de rechter uitvechten.

Verbroken relatie

Sanderink en Van Egten hadden een zakelijke en een liefdesrelatie, die in 2018 werd verbroken. Daarna zijn diverse geschillen tussen beide partijen ontstaan, waarover zij veelvuldig bij de rechter procedeerden. De uitkomst daarvan pakte voor Sanderink meestal verkeerd uit, waarbij de rechter hem geregeld dwangsommen oplegde.

Ondertussen loopt een mediation, waarin beide partijen zijn overeengekomen dat zij ieder een deskundigenrapport mogen opstellen om alle feiten in de twist helder te krijgen. Daarnaast zijn de voormalige zakenpartners er niet in geslaagd om in overleg afspraken te maken over de hoogte van verbeurde dwangsommen en de betaling ervan.

Beslag leggen

Sanderink stelt dat Van Egten moet ophouden met het beslag laten leggen op zijn aandelen en onroerend goed om de dwangsommen op te eisen, zolang deskundigen nog bezig zijn met een onderzoek naar de vermeende fraude van Van Egten. Een fraude, die reden voor Sanderink zou zijn geweest om met zijn zakenpartner in de ondernemingen Strukton en Centric te breken.

Reden voor Van Egten om de verbeurde dwangsommen op te eisen is dat Sanderink zich schuldig maakt aan het verspreiden van mails en het delen van een onrechtmatig advocatenrapport met derden, die onder meer zouden suggereren dat zij banden heeft met de porno-industrie.

Deels gelijk

De rechtbank van Overijssel heeft Sanderink vorig jaar verboden de activiteiten voort te zetten en alle beschuldigingen over Van Egten bij medewerkers van Strukton en Centric te rectificeren.

De rechtbank in Den Haag geeft Van Egten in deze procedure deels gelijk. Sanderink heeft zich wel gehouden aan rectificaties, maar niet aan het verbod om het rapport te gebruiken in een nieuwe procedure en te delen met juridische adviseurs. Er is volgens de rechter geen grond om het opeisen van dwangsommen te staken en dus moet Sanderink betalen.

Heb je een nieuwstip of nieuwe informatie? Tip de redactie via een WhatsApp-bericht: 06 - 57 03 33 33.
Deel dit artikel: