Nieuws

'Beckumer verwisselmoord' | Flashbacks achtervolgen belangrijke getuige na 25 jaar nog altijd: 'Mijn leven is overhoop gegooid'

Alouis Meijerink, slachtoffer van de 'Beckumer verwisselmoord'.
Alouis Meijerink, slachtoffer van de 'Beckumer verwisselmoord'. © RTV Oost archief
Jarenlang gaat het goed, maar ineens is er - zo vanuit het niets - weer een flashback. En waant hij zich weer terug in die garage in Beckum, waar hij bewoner Alouis Meijerink zwaar toegetakeld aantreft, deze maand een kwart eeuw jaar geleden. De 'Beckumer verwisselmoord' heeft tot op de dag van vandaag sporen nagelaten bij deze belangrijke getuige. "Zonder dat ik er ook maar iets mee te maken had, werd ik deze zaak in gesleurd."
RTV Oost blikt deze maand met diverse hoofdrolspelers terug op het drama, komende dinsdag exact 25 jaar geleden. Na een uitgebreide reconstructie van dit misdrijf dat nooit werd opgelost en een gesprek met betrokken rechercheurs die terugkijken op de diverse politieonderzoeken, doet in de laatste aflevering van deze drieluik een belangrijke getuige voor het eerst zijn verhaal.

Details gewist

In grote lijnen weet hij nog wat er gebeurd is, die fatale nacht. Wat hij daaraan zo opvallend vindt: de soms meest bizarre details herinnert hij zich feilloos, waar andere details totaal uit zijn geheugen zijn verdwenen.
Wellicht omdat het brein zoiets zelf doet, uit een soort overlevingsmechanisme. "Sommige details zijn gewoon helemaal weggefilterd", kan hij zich er zelf over verbazen.
Al die jaren heeft hij het zwijgen ertoe gedaan, maar hij vertelt nu voor het eerst zijn verhaal. Anoniem. "Eenmalig, en dat beschouw ik dan meteen als een soort afsluiting van dit alles."

Aan letsel bezweken

De nu 41-jarige Haaksbergenaar is die avond als een van de eersten ter plaatse als het echtpaar Alouis en Trudie Meijerink in hun woning in Beckum op grove wijze wordt toegetakeld, komende dinsdag exact 25 jaar geleden.
Waar de 47-jarige Alouis een maand later aan zijn verwondingen bezwijkt, moet Trudie lange tijd revalideren.
"Ik verdiende destijds wat bij bij een metaalbedrijfje in de regio. Ik weet nog dat de vrouw van mijn baas bij de zaagmachine kwam staan, waar ik aan het werk was en me vertelde dat Alouis was overleden. Ik voelde me een wrak en we hebben samen gehuild. Ik had zo enorm gehoopt dat het goed zou komen met hem. Dan was dit alles waarschijnlijk voor mij ook veel minder erg geweest."

Vergismoord

De politie gaat ervan uit dat de daders het hebben voorzien op een man, die even verderop in de straat woonde. Deze man werkt in de Enschedese seksbranche en heeft grote problemen in dat wereldje.
Maar de daders, die deze man vermoedelijk een lesje moeten leren, dringen wrang genoeg het verkeerde huis binnen. Een vergismoord dus, in een tijd dat het woord eigenlijk nog niet eens bestaat.

'Politie, politie!'

De Haaksbergenaar woonde destijds in het buitengebied van Beckum en is zestien jaar als hij die avond samen met een paar kameraden een filmpje gaat kijken. In een dorp verderop, waar een van zijn vrienden woonde.
"Ik geloof dat het nog met van die ouderwetse videobanden was", moet hij er om lachen.
Als hij samen met een vriend terugfietst, zien ze in het dorpshart van Beckum ineens een gemeenschappelijk maatje in totale paniek op straat lopen schreeuwen. Toen hij ons zag fietsen, riep hij: 'Politie, politie!'
De garage waarin Alouis Meijerink zwaar toegetakeld wordt aangetroffen.
De garage waarin Alouis Meijerink zwaar toegetakeld wordt aangetroffen. © RTV Oost archief
Het is de zoon des huizes uit het gezin Meijerink, die even daarvoor is thuisgekomen en zijn ouders zwaargewond heeft gevonden. "Het was in de tijd dat nog niet iedereen een mobieltje had. In paniek is hij toen de straat op gerend."
"We kenden hem. Hij maakte destijds deel uit van onze vriendengroep. Kwamen ook weleens bij hem over de vloer. Maar die avond was hij naar zijn vriendin in Haaksbergen. Zijn ouders waren best streng. Moest altijd stipt om 12 uur thuis zijn. Hij is wat getint, maar ik heb 'm nog nooit zo bleek gezien als op dat moment."

Bloedbad

"Hij is verder gelopen naar een van de buren. Mijn kameraad en ik zijn naar zijn huis gegaan. We hebben de zoon die avond verder niet meer gezien. Buiten hoorden we geluiden vanuit het huis. Boven alsof er een kind schreeuwde. En in de garage of er een dronken man onverstaanbaar wat brabbelde. In de garage zagen we Alouis liggen. Die had een deuk en een gapend gat in zijn hoofd. Lag tegen de fiets, waarmee zijn zoon kranten rondbracht. Ik zag hoe Alouis een fietsband vast had die hij tot op de velg drukte. Om te voorkomen dat hij zou stikken in zijn eigen bloed en braaksel heb ik hem in een andere houding gelegd. Ook zoiets, ik weet niet eens meer of mijn maat daarbij heeft geholpen."

Rare details

De Haaksbergenaar loopt de keuken in, op zoek naar handdoeken voor het vele bloed van Alouis. Daar treft hij de andere zoon aan. "In zijn pyjama. Hij meende dat zijn ouders ruzie hadden gehad. Heb hem gerust gesteld: 'Nee, hoor, ze hebben geen ruzie gehad'. Op dat moment dacht ik nog aan zoiets als een roofoverval. Had wel door dat Alouis zwaargewond was, maar veronderstelde dat het allemaal nog goed kon komen. Ik heb dat zoontje toen naar buiten gebracht, waar het werd opgevangen door buren."
Het vijfjarig dochtertje uit het gezin slaapt door alle hectiek heen.
De tv stond nog op voetballen. We vermoeden dat Trudie al naar bed was gegaan en dat Alouis nog even tv keek
Getuige
En dan zijn er die rare details die hij zich weet te herinneren. "De tv stond nog op voetballen. We vermoeden dat Trudie al naar bed was gegaan en dat Alouis nog even tv keek. Hij was een groot voetballiefhebber."
"De buren hebben Trudie gevonden, liggend in bed, en adviseerden ons met klem om niet naar boven te gaan. Het was één groot bloedbad. Waarschijnlijk is ze in haar slaap overrompeld."

Flashbacks

De twee vrienden worden door de politie opvangen bij een buurtbewoner. Daar zitten ze gezamenlijk in de woonkamer.
Juist dat tafereel ziet hij soms in een flashback ineens weer voor zich. Dan ziet hij zichzelf daar weer zitten, in die woonkamer. En flitsen er andere beelden door zijn hoofd.
Het fenomeen slachtofferhulp staat die dag nog in de kinderschoenen. "Ik weet niet of de anderen die er die avond bij waren slachtofferhulp is aangeboden. Mij is in ieder geval nooit wat gevraagd. Alsof ik gewoon ben vergeten. Sterker, de politie drukte ons op het hart om er vooral niet met anderen over te praten. Omdat ze bang waren dat via ons informatie - van belang voor het onderzoek - op straat zou belanden."

Nooit slachtofferhulp

Achteraf ziet hij het als een belangrijke reden waarom hij later in grote problemen raakt. "Ik heb nooit mijn verhaal kwijt gekund. Als brandweer en politie iets traumatisch meemaken, komen ze naderhand bij elkaar en praten erover. Voor mij gold dat niet. Wat overigens misschien ook wel voor een deel aan mezelf lag. Ik was zestien, een beetje stoerig misschien. En ik vond het weliswaar heel erg wat ik allemaal gezien had, maar vond het leed van anderen erger dan wat mezelf was overkomen. Voelde me in die zin dan ook geen slachtoffer. Uiteraard niet zoals bij de familie Meijerink, maar achteraf pas besefte ik dat ik in deze zaak net zo goed een van de slachtoffers was."
De Borgelinkstraat Beckum, de plaats delict.
De Borgelinkstraat Beckum, de plaats delict. © RTV Oost archief
In die dagen is hij fanatiek wielrenner. Heeft talent en koestert ambities. "Maar wielrennen is een sport waarbij je soms urenlang in je eentje moet trainen. Het maalde dan voortdurend in mijn hoofd. Daar kwam bovenop dat ik me tijdens wedstrijden niet meer kon concentreren. Zag soms ineens beelden voorbij flitsen. En dan wordt het natuurlijk gevaarlijk. Op een gegeven moment ging het gewoon niet meer."

Spagaat

Een jaar of vijf na 'de zaak Beckum' gaat de fiets aan de wilgen. Maar ook dat blijkt niet de oplossing. Hij raakt in een spagaat: fietsen gaat niet meer, maar niets doen is misschien wel erger.
"Ineens had ik geen doelen meer. Had in die tijd chronisch knallende koppijn. Raakte zwaar depressief. Heb ook zware antidepressiva geslikt. Wist niet hoe ik dit alles uit mijn hoofd moest krijgen. Dankzij het wielrennen had ik een bereconditie. Besloot toch het sporten weer op te pakken. Motorcross en boksen, fysiek loodzware sporten waarin ik mijn opgekropte energie kwijt kon."

Verwijten

Hij maakt zichzelf in die tijd allerlei verwijten. Met de wetenschap van nu weet hij dat ze feitelijk nergens op slaan, maar toch.
"Ik had zoiets van: waarom moest ik nou daar zijn, juist op dat moment? Verweet me op een gegeven moment zelfs dat ik de moord had kunnen voorkomen. Want als ik daar net ietsje eerder ter plaatse was geweest, was dit immers nooit gebeurd."
Ik verweet me op een gegeven moment zelfs dat ik de moord had kunnen voorkomen. Als ik daar net ietsje eerder was geweest, was dit nooit gebeurd
Getuige
"Twijfelde in mijn hoofd bovendien of het eigenlijk allemaal wel echt was gebeurd. Of ik het me wellicht allemaal had ingebeeld. In die tijd zat mijn hoofd overvol. Met vrienden heb ik er nooit over gepraat. Omdat ik dacht dat het stom was. Die konden immers toch niets met mijn verhaal. Heb zodoende jarenlang alles opgekropt. Het leek wel het tafereel uit een tv-reclamespotje, waarbij er twee poppetjes op je schouder zitten. Een links, een rechts. En dat die dan om beurten 'welles-nietes' in je oor fluisteren."

Tijdreis

De recherche werkt intussen nog altijd volop aan de zaak. Het is rond die tijd ook dat hij wordt uitgenodigd om naar het politiebureau te komen. "Toen ik daar kwam, bleek dat ze de garage één-op-één hadden nagebouwd. Inclusief fietsen, jassen aan de muur, Alouis' gereedschapbord dat aan de muur hing."
Het voelt aan als een tijdreis. Alsof hij weer die fatale nacht de garage in Beckum binnen loopt. "Hoe ze dat bij die reconstructie hebben gedaan met Alouis? Een pop, een tekening? Ik weet het gewoon niet meer. Ook dat is gewoon helemaal uit mijn geheugen weggefilterd."
Wat hij wel weet: voor zijn gemoedsrust pakt de confrontatie met die fatale nacht averechts uit. Sterker, het gaat verder bergafwaarts. Hij krijgt soms op de meest onverwachte momenten flashbacks. "Dan raak ik helemaal de kluts kwijt en ben ik binnen de kortste keren een wrak. Officieel is er nooit een diagnose bij me gesteld, maar ik ken meerdere mensen - onder wie militairen - met ervaring op dit gebied. En die zeggen dit te herkennen. Die zijn ervan overtuigd dat ik PTSS heb opgelopen."

Alsnog hulp

Zijn ouders merken dat het niet goed gaat en bellen met de toenmalig wijkagent van Beckum. "Die heeft geloof ik een maatschappelijk werkster voor me geregeld. Eindelijk kon ik mijn verhaal kwijt."
Na een maand of vijf worden de sessies stopgezet. Langzamerhand kruipt hij uit het diepe dal. "Ik heb nu een leuke baan en al elf jaar een lieve leuke partner en twee prachtige kinderen."

Knagen

Sporten doet hij al even niet meer, al koestert hij wel plannen dat eerdaags weer op te pikken. "Ik zat destijds in de Gelderse wielerselectie van A-amateurs. Een aantal renners met wie ik trainde, werd later prof. Eentje van hen boekte zelfs Olympische successen. Daar ben ik best wel trots op. Had ook graag langer met deze jongens willen blijven fietsen. Ik vraag me nog weleens af hoe ver ik met wielrennen had kunnen komen. Dat is iets wat altijd aan me is blijven knagen. Maar ik kon het destijds in mijn hoofd helaas niet aan."

Vanuit het niets

En ineens was daar vorig jaar onverwacht weer die flashback. Zo, vanuit het niets. "Ik zit in een gezelschap en ineens flitsen er weer allerlei beelden door mijn hoofd."
Maar dat is intussen alweer iets dat dateert van vorig jaar. Voor de rest gaat het eigenlijk best goed, vertelt hij met het vizier weer op de toekomst. Al blijven die flashbacks onberekenbaar. Zeker als hij in grotere gezelschappen verkeert, is hij er toch altijd beducht op dat het zo weer kan gebeuren.

Achter de tralies

Met de daders heeft hij zich eigenlijk nooit beziggehouden. "Bewust niet. Stel dat ik had geweten wie hier mogelijk verantwoordelijk voor is. In die dagen stond ik niet voor mezelf in. Maar vanzelfsprekend hoop ik nog altijd dat die lui worden gepakt. Want wat mij betreft horen ze thuis achter de tralies. Voor wat ze de familie Meijerink hebben aangedaan. Maar ook voor wat ze mij hebben aangedaan. Zonder dat ik hier ook maar iets mee te maken had, werd ik deze zaak in gesleurd. Die lui hebben daarmee ook mijn leven voorgoed overhoop gegooid. En dat dus allemaal omdat ze zich in het huis hebben vergist..."

Heb je een nieuwstip of nieuwe informatie? Tip de redactie via WhatsApp of via de mail.