Nieuws

Helft Overijsselse gemeenten komt afspraken niet na voor huisvesting statushouders

Rijssen-Holten is een van de vele Overijsselse gemeenten die taakstelling voor huisvesting statushouders niet haalt
Rijssen-Holten is een van de vele Overijsselse gemeenten die taakstelling voor huisvesting statushouders niet haalt © RTV Oost
Meer dan de helft van de gemeenten in Overijssel blijft in gebreke bij het huisvesten van asielzoekers met een verblijfsvergunning. Meer dan 2100 statushouders moeten dit jaar woonruimte krijgen in Overijssel, maar 13 van de 25 gemeenten komen afspraken daarover niet of onvoldoende na. Bijna vijftienhonderd statushouders wachten in een tijdelijke opvang op een woning in onze provincie. Dat blijkt uit actuele cijfers die het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) op verzoek aan RTV Oost heeft verstrekt.
De huisvesting van statushouders, de asielzoekers met een verblijfsvergunning, is een taak van de gemeente. Het inwonertal bepaalt per gemeente hoeveel statushouders moeten worden geholpen aan woonruimte. De precieze aantallen worden vastgelegd in afspraken. De provincie houdt toezicht op de taakstelling van de gemeenten en legt eventuele achterstanden in de huisvesting van vergunninghouders vast.
Deze cijfers zijn meegenomen in de aanbiedingsbrief van het ministerie van Justitie en Veiligheid aan de Tweede Kamer. De minister informeert de Kamerleden over de asielzoekers met een verblijfsvergunning die in tijdelijke opvangcentra blijven hangen en niet uitstromen naar een reguliere woonruimte.
Op dit moment wachten 1472 statushouders op een woning in Overijssel
Als gemeenten niet sneller mensen gaan onderbrengen, verblijven volgend jaar 21.000 statushouders in de opvang, aldus de minister van Justitie. Nu zij dat er al 16.000. Op dit moment wachten onder hen 1472 statushouders op een woning in Overijssel. De snelle groei van het aantal statushouders in de opvang komt doordat de doorstroom van statushouders naar woningen stokt: daarvan zijn er simpelweg te weinig.

Inhaalslag

Het COA wil een inhaalslag plegen door deze week te beginnen met het actief benaderen van 45 gemeenten, die de norm van minimaal dertig procent van de afgesproken aantallen niet halen én weinig doen aan asielzoekersopvang. Deze gemeenten worden gebeld met de dringende oproep per direct huisvesting te regelen.
In de komende weken krijgt in ieder geval één Overijsselse gemeente in deze belronde een telefoontje. Welke gemeente dat is, wil COA niet zeggen. "Maar in onze overwegingen nemen we me of gemeenten wel genoeg hebben gedaan aan asielzoekersopvang", aldus woordvoerder Bob van 't Klooster van het COA.

Norm niet gehaald

Feit is dat uit de laatste huisvestingscijfers van het COA blijkt dat in Overijssel de helft van de gemeenten de norm van dertig procent niet haalt. Almelo heeft een taakstelling voor 157 statushouders, maar heeft in de tweede helft van dit jaar maar 35 aan woonruimte kunnen helpen. 122 statushouders staan voor Almelo nog op de lijst als woonruimte zoekend. Daarmee heeft Almelo in nominale aantallen de grootse klus.
Qua percentage geholpen statushouders zit Hof van Twente het verst onder de norm, met nog geen tien procent gehaalde aantallen. Van de 61 vergunninghouders zijn er slechts 6 aan een huis geholpen sinds juli 2023.
Tubbergen zit daar met 4 geholpen statushouders van de 59 nog veel verder onder, maar de gemeente beroept zich op andere afspraken met provincie Overijssel daarover.
Ook Dalfsen, Hardenberg, Hellendoorn, Kampen, Raalte, Rijssen-Holten, Steenwijkerland, Twenterand, Wierden en Zwartewaterland staan in de min.

Braafste jongetje

Haaksbergen bungelt rond de norm van dertig procent. Van alle andere Overijsselse gemeenten die boven de norm scoren en het dus wel 'goed doen' is Oldenzaal het braafste jongetje van de klas. De Twentse gemeente heeft meer statushouders ondergebracht dan de taakstelling voorschrijft en staan er twee in de plus: 23 geholpen in plaats van de afgesproken 21.

Heb je een nieuwstip of nieuwe informatie? Tip de redactie via WhatsApp of via de mail.