Commissie-Schnabel: meer aandacht voor ethische kant van euthanasie

Geestelijk verzorger en juriste Marjolein Rikmenspoel uit Deventer bepleit een grotere rol voor geestelijk verzorgers in de laatste levensfase.

Daarmee haakt ze aan bij het advies van de commissie-Schnabel, die vorige week haar rapport over euthanasie bij voltooid leven presenteerde. 

Klaar met leven

De NVVE, de Nederlandse vereniging voor een vrijwillig levenseinde, had graag gezien dat ook mensen die niet lichamelijk of psychisch lijden, maar klaar zijn met leven, in aanmerking komen voor een zachte dood. Volgens de commissie biedt de huidige wet daartoe voldoende ruimte. Rikmenspoel vindt, met de commissie, dat er meer aandacht moet komen voor geestelijk lijden: een arts houdt zich vooral bezig met de lichamelijke kant van het lijden, terwijl de geestelijke nood vraagt om een andere benadering.

Hulp bij zelfdoding

Het is ook niet gewenst dat familie zich actief met euthanasie gaat bemoeien en ook daarin gaat Rikmenspoel mee met het oordeel van de commissie. Als artsen vaak al kampen met gewetensbezwaren rondom levensbeëindiging, dan zal dat ook gelden voor familieleden. Bovendien hoeven hun belangen niet altijd zuiver te zijn.

De zaak Heringa

Voor haar studie als geestelijk verzorger deed Rikmenspoel onderzoek naar de zaak Heringa: Heringa leverde aan zijn hoogbejaarde moeder middelen die ervoor zorgden dat ze een einde aan haar leven kon maken. Hij meldde zichzelf bij de politie, omdat hij niet wilde dat haar dood als een natuurlijke dood in de boeken ging. De Hoge Raad moet zich nog uitspreken over deze zaak. De commissie-Schnabel noemt de studie van Rikmenspoel in een voetnoot in haar rapport.

Zondag om 08.00 uur een uitgebreid interview met Marjolein Rikmenspoel in Hoogtij. 

Meer over dit onderwerp:
euthanasie NVVE levenseinde Nieuws Verhalen
Deel dit artikel:

Reageren