Speurhonden worden opgeleid om te zoeken naar verweesde ottertjes

Het is doodsoorzaak nummer 1 bij otters: een verkeersongeluk. Als het gaat om een zogend vrouwtje betekent dat meestal ook de dood van de jonge ottertjes. Professionele speurhonden worden nu getraind om te helpen met zoeken naar de jonge ottertjes. Als de zogende diertjes op tijd worden gevonden kunnen ze worden gered.

Maar liefst een kwart van alle otters in Nederland overlijdt vroegtijdig door een aanrijding, ondanks allerlei maatregelen zoals wildtunnels. Bij een ottervrouwtje is vaak aan de tepels te zien of ze zogende jongen heeft, maar hoe vind je in dat geval haar nest terug?

Groot jachtgebied

Otters hebben een groot gebied waarin ze voedsel zoeken, tot wel twee kilometer vanaf het nest. Ze leven in moeilijk toegankelijke, waterrijke gebieden, en de jongen zijn vaak goed verstopt. De kans dat de jonge otters op tijd worden gevonden is daardoor klein.

Op initiatief van Landschap Overijssel komt er hulp van speurhonden. Goed getrainde honden kunnen het spoor terugzoeken vanaf het doodgereden vrouwtje. Het zoekgebied wordt daarmee enorm verkleind, en daarmee stijgt de kans dat de jongen wel gevonden worden en in leven blijven.

Opleiding

Om speurhonden geschikt te maken voor het zoeken naar otters moeten ze eerst goed worden getraind. Dat duurt ongeveer een half jaar. Michel Grobbe is gespecialiseerd in het inzetten van honden voor onderzoek in de natuur. Ook traint hij honden voor de politie en reddingshonden.

Om de honden te trainen op otters heeft hij goede geursporen van de dieren nodig. Als er de komende tijd een dode otter wordt gevonden moet daar zo snel mogelijk een geurspoor vanaf gehaald worden.

Glazen potje

Natuurbeheerders, jagers en medewerkers van de waterschappen moeten de dieren meestal opruimen. Zij hebben inmiddels een training gehad van Michel Grobbe om die sporen op een goede manier te verzamelen. Dit doen ze door met latex handschoentjes aan een doekje op de dode otter te leggen, en dat af te dekken met aluminiumfolie.

Na minimaal een uur moet het doekje met daaraan de ottergeur in een glazen potje worden gedaan. De gebruikte handschoenen heeft Grobbe ook nodig, die gaan in een ander potje. Zo kan hij de hond leren onderscheid te maken tussen mens- en ottersporen.

Specifieke geur

De training van de honden is inmiddels begonnen. Grobbe heeft nog wel minstens 5 verschillende ottergeuren nodig voor de opleiding. De bedoeling is dat de honden de geur van individuele otters herkennen en specifiek naar die ene dode otter kunnen speuren, en niet in de war raken door sporen van andere otters in het gebied.

De inzet van honden is geen garantie voor succes, waarschuwt Grobbe. "De hond is geen wondermiddel, wel een hulpmiddel. Het blijft een samenspel tussen mens en dier. Ook weersomstandigheden en het terrein bepalen of de hond het spoor kan vinden".

Opvang

Jonge ottertjes die nog niet zonder moeder kunnen, komen meestal bij otteropvang de Rietnymf in Munnekeburen, dit ligt tussen de Weerribben en het Friese natuurgebied Rottige Meente in. Hier worden ze opgevangen en getraind om weer in de vrije natuur uitgezet te kunnen worden.

Volgens natuurbeschermers is het van groot belang dat de jonge ottertjes in leven blijven. De otterpopulatie is wel flink gegroeid sinds in 2002 de eerste otters in de Wieden werden losgelaten, maar als er niet genoeg jongen bij komen kunnen ze opnieuw uitsterven.

Variatie

Otterjongen blijven meer dan een jaar bij hun moeder. Een ottervrouwtje heeft dus maar eens in de twee jaar een nestje. Als er veel jongen doodgaan veroudert de populatie snel.

Ook voor de genetische variatie is het belangrijk dat er genoeg jonge dieren bij komen. Weesottertjes worden daarom na hun verblijf in de opvang meestal teruggezet in andere gebieden dan waar ze zijn gevonden.

Deel dit artikel: