Advocaat Bedaux: 'Chroom-6 rapport RIVM deugt niet'

Het chroom-6 rapport van het RIVM deugt niet, dat zegt advocaat Bedaux. Hij vindt dat de chroom-6 deelrapporten zijn geschreven door ondeskundigen. Hij stelt dat de klankbordgroep van het RIVM deze deelrapporten heeft overgenomen en daardoor een onvolledig en onjuist eindrapport heeft geschreven. "Dit dure vierjarige onderzoek zou eigenlijk alleen al vanwege onjuiste veronderstellingen de prullenbak in kunnen", zegt Bedaux.

Chroom-6 maakte onder meer in Overijssel slachtoffers onder personeel van het NAVO-depot bij Aadorp en de Vliegbasis Twenthe. Dit jaar bleek dat Defensie aansprakelijk is voor het eigen personeel dat ziek is geworden door de giftige stof. 

Buitenlands onderzoek

Volgens Bedaux was het onderzoek over wat wel en minder bekend is over chroom-6 niet echt nodig. "In het verleden waren er al een zeer groot aantal inventarisaties van de gevolgen van chroom-6 bekend. Ik trof bijvoorbeeld Turkse, Franse Amerikaanse en Braziliaanse onderzoeken aan over samenhangend verkleuren en afbrokkelen van tanden na chroom-6 terwijl het RIVM die samenhang globaal ontkent."

Meerdere stoffen

Verder stelt Bedaux dat het RIVM in het onderzoek alleen over chroom-6 schrijft, terwijl er volgens hem op de werkvloer contact is geweest met meerdere andere stoffen, zoals benzeenhoudende smeer- en oplosmiddelen, strontium, PX-10, JP-8, Halon, uranium en asbest zonder beschermende middelen. 

"De conclusie is dat de combinatie van die stoffen met chroom-6 nog schadelijker is en dus meer beperkingen met zich mee kan brengen dan dat alleen chroom-6 ontbreekt."

Niet onafhankelijk objectief

Bedaux concludeert dat de totstandkoming van het rapport te lang heeft geduurd, volgens hem helpt het rapport niet de mensen maar juist de overheid. "Vanwege onjuiste uitgangspunten slaat het RIVM ook met de indeling van werkzaamheden en ziekten de plank mis. Het rapport kan de prullenbak in."

Meer over dit onderwerp:
chroom 6 Vriezenveen rapport Nieuws
Deel dit artikel: