Pleidooi NKC voor meer camperplekken in Overijssel: "Snelst groeiende vorm van toerisme"

De Nederlandse Kampeerauto Club (NKC) pleit voor meer camperplekken in Overijssel. "In grote plaatsen als Deventer, Enschede of Hengelo is helemaal niets", zegt Bert Nellestijn van NKC. "Maar ook in kleinere plaatsen als Raalte, Rijssen en Goor kunnen camperaars niet terecht. Dat is jammer, want het midden- en kleinbedrijf vaart er wel bij. Het is de snelst groeiende vorm van toerisme."

Toerisme is op dit moment booming en campers zijn de snel groeiende vorm van toerisme, weet Nellestijn. Als vrijwilliger bij de NKC helpt hij ondernemer die camperplekken willen beginnen. Nellestijn helpt graag, want een ding weet hij zeker: de toeristen komen met een goed gevulde portemonnee de provincie in.

Een van de ondernemers die al een graantje mee pikt van de populariteit van campers is voormalig agrariër John Eissink. In 2016 begon hij met Campercamping De Bentelose Esch, waar plek is voor 25 campers. Vorig jaar maart had hij de eerste overnachtingen.

Eissink had weinig moeite om zijn draai te vinden in zijn nieuwe rol als eigenaar van een camping voor campers. "Mensen zijn allemaal vrolijk en goed te pas. Er zitten weinig zeurders tussen. Het is altijd leuk om een praatje te maken met mensen." En ja, ook Eissink merkt dat de gemiddelde camperaar niet bang is om de portemonnee te trekken. Een ander ding dat hem opvalt is dat de campers het hele jaar blijven komen en gaan.

In Bentelo hebben mensen het volgens John Eissink enorm naar hun zin. Dat zou in heel Overijssel kunnen zijn, maar Bert Nellestijn van de NKC merkt dat niet alle gemeenten even actief zijn als het gaat om de aanleg van plekken voor campers. Zonde, want het levert je als gemeente veel op zegt hij.

Dat campers goed zijn voor de lokale economie is volgens Bert Nellestijn goed te zien in Tolkamer. In deze kleine plaats in de provincie Gelderland leed de plaatselijke VVV een kwijnend bestaan. Het scheelde niet veel of de VVV moest om financiële reden haar deuren sluiten. Dat veranderde toen er een camperplek kwam aan de Europa kade. Vrijwilliger De Klein bij de VVV in Tolkamer beaamt dat. "Ja, de komst van de campers heeft de situatie hier zeker versterkt. Het biedt de VVV een stabiele financiële basis. Het voortbestaan van de VVV is er wel door gegarandeerd. Er zijn hier momenteel 15 camperplaatsen. We willen er wel drie bij. Het vertelt zich ook door. Camperaars horen bij wijze van spreke in Spanje dat je hier in Tolkamer zo mooi kunt staan. Er is ook altijd wat te doen. De campers staan bijvoorbeeld pal aan het water. Er varen de hele dag schepen voorbij op de Boven-Rijn.

Het Hulstbeek

Aan de rand van recreatiepark het Hulsbeek in Oldenzaal barst het van de bedrijvigheid. Ondernemers Charles de Mönnink en René Hampsink zijn druk bezig met de aanleg van een camperpark dat vanaf volgend jaar plek moet bieden aan 50 campers. 

De gemeente Oldenzaal zag het wel zitten in het plan van De Mönnink en Hampsink. Toch duurde het twee jaar voordat de ondernemers eindelijk konden beginnen met de aanleg van hun camperpark.

Een camperpark is iets heel anders dan een camping. De twee laten zich volgens Charles de Mönnink niet met elkaar vergelijken. Er komt bijvoorbeeld geen beheerdershuisje of kantoor waar nieuwe gasten zich kunnen melden. Dat gaat allemaal volautomatisch.

Ondertussen probeert Bert Nellestijn van de NKC ervoor te zorgen dat de camperplekken goed over de provincie worden verdeeld. Dat is belangrijk, want aan een overkill aan camperplekken heeft niemand iets.

Heb je opmerkingen of aanvullingen op dit bericht? Stuur ons direct een WhatsApp-bericht: 06 - 57 03 33 33.

Meer over dit onderwerp:
Nieuws
Deel dit artikel: