"Onterechte vrijspraak in gewelddadige cold case Zwolle"

Het is onbegrijpelijk dat een verdachte van een zeer gewelddadige cold-case uit 2003 in Zwolle is vrijgesproken. Dat concludeert een oud- rechter in een onlangs verschenen boek van zijn hand. "De rechtbank heeft de waarde van het DNA-bewijs ernstig onderschat", schrijft hij. Vandaag buigt het gerechtshof in Arnhem zich over de zaak.

Het gaat allemaal om de gewapende overval op de toen 79 jaar oude bloemenhandelaar Gerrit van Ittersum in 2003. Hij werd 's nachts in zijn huis door twee gemaskerde mannen met tape vastgebonden en meerdere malen gestoken met een mes van zo'n 20 centimeter lang. De daders gingen er vandoor zonder buit. En ondanks dat er op het gebruikte tape meerdere DNA-sporen van een Enschedese verdachte zaten, werd die toch vrijgesproken. De heftige overval was lange tijd een 'cold case'. Pas in 2014 werd de Enschedeër aangehouden.

Gerrit van Ittersum (Foto: beeldbewerking RTV Oost)
Gerrit van Ittersum

Voormalig raadsheer Jaap de Groot van het gerechtshof in Amsterdam schrijft over de zaak in zijn onlangs gepubliceerde boek: 'DNA in het strafrecht. Hoe moet het niet? Hoe moet het wel?' De Groot schaart de werkwijze van de rechtbank in Zwolle onder de noemer 'zo moet het niet.'

Tape

Wat is er aan de hand? Uit de gevonden resten tape, waarmee het slachtoffer destijds was gekneveld, hebben deskundigen kunnen reconstrueren wat het begin van de rol tape moet zijn geweest. Ook hebben ze alle stukken op de juiste plek weer aan elkaar kunnen maken. Gebleken is dat op 55 en 56 centimeter vanaf het begin van de rol DNA-materiaal zit van de Enschedese verdachte. Ook op bijna 4 meter vanaf het begin zit DNA van de Enschedeër. Voor dit derde spoor geldt wel dat het iets minder zeker is dat het van hem is. Er is een kans van 1 op 3 miljoen dat het spoor van iemand anders is, dus nog steeds zeer waarschijnlijk. Ook is er op de plaats delict een vingertopje van een latex handschoen gevonden, eveneens met het DNA van de verdachte. 

Klus

De Enschedeër zelf zegt dat hij niet in het huis van de overvallen man is geweest. Hij zegt dat hij die avond wel twee mannen daar in de buurt heeft afgezet als een soort taxi-service. Het waren mannen die kende uit de coffeeshop. Ze zouden volgens hem zijn tape en handschoenen hebben meegenomen, materialen die hij wel eens gebruikte als 'klusjesman'. Zijn DNA zou op een eerder moment op de tape zijn opgekomen, zegt hij. Hij rolde de tape naar eigen zeggen wel vaker op na eerder gebruik. Op de vraag waarom zijn telefoon dan een mast in de buurt heeft aangestraald op het moment van de overval, zegt hij: "Ik zou op ze wachten en vroeg me af waar de jongens bleven, dus ik heb ze gebeld."

De rechtbank heeft hem in 2014 vrijgesproken, omdat ze zijn verhaal niet konden ontkrachten. De rol tape en de handschoenen zijn verplaatsbare voorwerpen, zo redeneerde de rechtbank. De sporen van de verdachte zouden er ook elders op gekomen kunnen zijn, was de overweging. 

Vrijspraak klopt niet

Volgens De Groot klopt die redenatie van geen kant. "Met de vier DNA-sporen op de tape en in de latex vingertoppen én de telecomgegevens als ondersteuning, was er meer dan voldoende bewijs geweest voor de bewezenverklaring van de rol van de verdachte als overvaller", schrijft hij. Daarnaast lijkt het hem onwaarschijnlijk dat de verdachte 4 meter tape weer netjes heeft weten terug te rollen na eerder gebruik.

De DNA-sporen die op bijna 4 meter van het begin van de rol zaten, zijn té gemakkelijk opzij geschoven, zegt De Groot. Dat spoor was een zogenoemd mengprofiel. Er zaten sporen in van zowel de verdachte als het slachtoffer. "Dat duidt erop dat het celmateriaal van de beide donoren in dezelfde tijdspanne aan de tape is gesmeerd. De tape is immers pas tijdens de overval door het slachtoffer aangeraakt, en kan pas door de verdachte zijn aangeraakt nadat de tape was afgerold tot bijna vier meter vanaf het begin. Het celmateriaal van de verdachte kan er dus onmogelijk vóór de overval op zijn gekomen."

Als het gerechtshof met de redenatie van de oud-raadsheer van het collega-hof in Amsterdam meegaat, betekent het zeer waarschijnlijk dat de Enschedeër toch voor de gewelddadige overval wordt veroordeeld. 

Tweede verdachte

Naast de man uit Enschede was er nog een verdachte, een Engelsman. Die is vorig jaar wél veroordeeld voor de overval op Gerrit van Ittersum, tot 6 jaar cel. Maar hij is in hoger beroep gegaan. Ook die zaak komt vandaag voor de raadsheren van het hof in Arnhem. Saillant detail is, dat deze man in 2004 al werd genoemd in een briefje aan de Zwolse politie, geschreven door een anoniem persoon.

Het anoniem geschreven briefje uit 2004 (Foto: beeldbewerking RTV Oost)
Het anoniem geschreven briefje uit 2004

De bloemenman zelf kan de hoger beroepszaak niet meer meemaken. Na de overval kwam hij in een verzorgingshuis terecht, waar hij nooit meer uit is gekomen. In de zomer van 2016 is Gerrit van Ittersum overleden op 92-jarige leeftijd. 

Heb je opmerkingen of aanvullingen op dit bericht? Stuur ons direct een WhatsApp-bericht: 06 - 57 03 33 33.

Meer over dit onderwerp:
Zwolle overval geweld cold case Nieuws
Deel dit artikel: