Gebruikte rekenmethodes stikstofneerslag RIVM 'voldoende tot goed'

De rekenmethodes van het RIVM om de stikstofneerslag te bepalen zijn volgens de Adviescommissie Meten en Berekenen (commissie Hordijk) voldoende wetenschappelijk onderbouwd om het kabinetsbeleid op te baseren.

Een van de belangrijkste conclusies van het adviescollege is dat de gebruikte data, methoden en modellen van de onderzoekers voldoende tot goed zijn. De huidige wetenschappelijke aanpak voor het meten en berekenen van stikstofneerslag is dus geschikt. Minister Schouten had om dit advies gevraagd.

Vanuit de agrarische sector is veel kritiek op de meet- en rekenmethode van het RIVM. Het percentage van de stikstofneerslag op kwetsbare natuurgebieden ligt volgens het RIVM op 41 procent. De sector denkt zelf dat het aandeel van scheepvaart, industrie, luchtvaart en neerslag vanuit het buitenland groter is dan de uitkomsten van het RIVM laten zien.

Bij de verschillende boerenprotesten wordt getwijfeld aan de betrouwbaarheid van de cijfers van het RIVM en het gebrek aan openheid. Dat laatste beaamt de commissie Hordijk.

Verbeterpunten

De commissie Hordijk geeft ook verbeterpunten. Het aantal metingen en meetpunten moet worden uitgebreid. Daar pleit ook de landbouwsector voor. Die toezegging is al gedaan door het kabinet. Ook adviseert het adviescollege om de kwaliteit te verbeteren door de nu gebruikte modellen te combineren met andere bronnen en modellen en moet er transparante uitleg komen over het huidige meetmodel en methode.

Het kabinet pakt de verbeterpunten op.

Verantwoorde cijfers

Het advies komt in twee delen, later in juni wordt de tweede fase afgerond. Minister Schouten laat in een eerste reactie weten dat het goed is om te constateren dat de stikstofaanpak en de maatregelen van het kabinet zijn gebaseerd op wetenschappelijk verantwoorde cijfers en feiten. 

“Het bevestigt dat we meten wat we willen weten. En dat we weten in welke mate sectoren in Nederland bijdragen aan de stikstofneerslag”, aldus Schouten.

Het hele rapport is hier te lezen.

Mesdag Zuivelfonds

Het Mesdag Zuivelfonds kwam 20 februari met een eigen percentage van het aandeel van de landbouw in de stikstofproblematiek. De onderzoekers van Mesdag gebruikten de methodes en modellen van het RIVM, maar kwamen uit op een aandeel van 25 procent. Dat zou komen doordat zij de stikstofneerslag op Natura 2000-gebieden berekenden en daarbij ook watergebieden meenamen.

Deze week meldde het Mesdag Zuivelsfonds dat zij een rekenfout hebben gemaakt en dat zij hun berekeningen opnieuw gaan doen. Het rekenmodel zou niet goed overweg kunnen met invoerbestanden van meerdere stoffen (in dit geval stikstofoxiden en ammoniak), met dus als gevolg onjuiste resultaten.

De onderzoekers van Mesdagfonds, Geesje Rotgers en Richard Zijlstra, hebben volgens eigen zeggen nauwgezet de door het RIVM beschikbaar gestelde gebruikershandleiding en documentatie gevolgd voor het rekenmodel. Daarin stond echter niets over het niet kunnen invoeren van meerdere stoffen tegelijk.

Heb je een nieuwstip of nieuwe informatie? Tip de redactie via een WhatsApp-bericht: 06 - 57 03 33 33.

Meer over dit onderwerp:
boeren stikstof Groen Overijssel RIVM landbouw Nieuws
Deel dit artikel: