Strafrechtadvocaten over coronaspoedwet: "Verdachten moeten bij rechtszaak kunnen zijn"

Strafrechtadvocaten Jan Vlug en Rob Oude Breuil plaatsen kanttekens bij de spoedwet die vandaag is ingegaan en waarmee de rechtspraak weer op gang wordt gebracht. Beide advocaten hameren op het belang dat verdachten aanwezig moeten kunnen zijn bij de behandeling van hun rechtszaak.

Rob Oude Breuil is het meest uitgesproken. Hij meent dat verdachten hun zaak fysiek moeten kunnen bijwonen: "Vanaf 11 mei wil de rechterlijke macht proberen strafzaken weer fysiek te behandelen. Onbekend is of dit ook betekent dat verdachten weer ter zitting aanwezig mogen zijn."

Als dit niet het geval is, dan zal Oude Breuil zich hiertegen op alle mogelijke manieren verzetten. "Het aanwezigheidsrecht is namelijk een van de belangrijkste basisrechten van een verdachte. Stel je voor dat je ergens van wordt verdacht, maar je mag niet bij de zitting aanwezig zijn of alleen even je zegje mogen doen via een videoverbinding. Dat kan niet."


'Geen druk'

Jan Vlug kan zich er tijdelijk in vinden dat een verdachte aanwezig is via een goede videoverbinding: "Er mag geen druk op verdachten worden uitgeoefend om af te zien van het aanwezigheidsrecht. Wij zaten niet te wachten op deze spoedwet, maar het is goed dat er nu iets van een democratische controle is. Dat is beter dan video-gedoe zonder regelgeving."

Voorwaarde is voor Vlug wel dat alles goed werkt. "Je moet elkaar goed kunnen zien, je moet elkaar goed kunnen horen. Als dat zo is, dan is een rechtszaak mogelijk. Ik heb op die manier een aantal uitstekend verlopen zittingen gehad. De rechter, de officier van justitie en ik waren in de rechtszaal. De verdachte, met een goede videoverbinding, op afstand. Maar laat ik duidelijk zijn. Dit is een noodmaatregel. Als corona straks weg is, moet de wet ook weg. De overheid heeft zich wat dat betreft niet altijd betrouwbaar getoond."

45 minuten

Beide advocaten ergeren zich aan de 45 minuten-maatregel die door gevangenissen wordt opgelegd. Oude Breuil: "Vanuit de gevangenissen wordt tot nu toe alleen een videoverbinding voor 45 minuten beschikbaar gesteld aan een verdachte. Als de zitting langer duurt, is de verdachte daar niet bij. Reden hiervan is dat gevangenissen vaak maar één ruimte hebben waar een dergelijke verbinding gerealiseerd kan worden."

Vlug: "De tijdslots van 45 minuten die verdachten van gevangenissen krijgen moet direct van tafel. Als die drie kwartier voorbij zijn, dan moet de verdachte weg. Dat is ongehoord."


Onbegrip

Zowel Oude Breuil als Vlug begrijpen niet waarom verdachten niet naar de rechtbank mogen komen. Oude Breuil: "Is een verdachte extra besmettelijk? Besmettelijker dan een officier van justitie of een advocaat die ook op de zitting aanwezig zijn? De ruime zittingszalen kunnen ontzettend makkelijk zodanig worden ingericht dat alle procesdeelnemers op anderhalve meter afstand van elkaar kunnen blijven. Het aanwezigheidsrecht, waar we het eerder over hadden, kan dus eenvoudig gerealiseerd worden." 

Vlug: "In de supermarkt mogen we wel komen, maar als verdachte mag je fysiek niet aanwezig zijn bij je rechtszaak. Terwijl elke rechtbank zo kan worden ingericht dat iedereen voldoende afstand van elkaar kan houden."

Hoe moet dat er dan uitzien? Vlug: "Je zorgt ervoor dat een verdachte alleen naar de zitting komt. Bij een speciale ingang krijgt de verdachte een mondkapje en handschoenen. Dan volgt hij of zij een aangegeven route naar de zittingszaal. Daar doet de verdachte het mondkapje af, de handschoenen kunnen aanblijven. Zelf zit ik vaak op vijf meter of meer afstand van de rechter en de officier van justitie."

Heb je een nieuwstip of nieuwe informatie? Tip de redactie via een WhatsApp-bericht: 06 - 57 03 33 33.

Meer over dit onderwerp:
rechtbank Zwolle Almelo Corona Nieuws
Deel dit artikel: