Is de opmars van de ooievaar de doodsteek voor de weidevogel? Wij zochten het voor je uit!

De ooievaar is terug van weggeweest. Twintig jaar geleden was het nog bijzonder om een ooievaar te zien, tegenwoordig is het niet meer vreemd om er tientallen bij elkaar in een weiland te zien. Zijn er ondertussen niet te veel ooievaars?

Marcel Strijtveen uit Lierderholthuis is melkveehouder en heeft een passie voor weidevogels. Hij ziet steeds meer ooievaars op zijn land en daar is hij niet altijd even blij mee. "Ze pakken gewoon weidevogelkuikens."

Samen met andere agrariërs heeft Marcel Strijtveen een stuk land gekocht en daar een weidevogelgebied van gemaakt. Hij heeft de oevers van de sloot schuin afgegraven en maait bepaalde percelen pas laat in het jaar. Strijtveen doet dus zijn best om zoveel mogelijk weidevogels, zoals de grutto, de kievit en wulp naar zijn land te krijgen. Maar ondanks dit intensieve beheer van Strijtveen zit er weinig schot in de zaak. De weidevogelpopulatie daalt al jaren.

De ooievaar is niet het grootste probleem van de weidevogel
Landschap Overijssel

Herintroductie
En waar het steeds slechter gaat met de weidevogel, gaat het steeds beter met de ooievaar. Rond 1960 was de grote vogel bijna uitgestorven in Nederland. Door het gebruik van zwaar landbouwgif was er geen leven meer te vinden in de Nederlandse weilanden. En dat was funest voor de ooievaar die voornamelijk regenwormen, insecten, muizen en kikkers eet. Daarom werd de ooievaar in 1969 geherintroduceerd in Nederland. De vogels werden uit het buitenland gehaald en vrijgelaten in een reservaat. Er werd een fokprogramma gestart en de nieuwe generaties ooievaars werden verdeeld over twaalf buitenstations in Nederland. 

Te veel roofdieren
"De ooievaar is niet het grootste probleem van de weidevogel. Het grootste probleem van de weidevogel is dat er nog maar zo weinig zijn", zegt Marja van Harten van Landschap Overijssel. "En dan is ieder kuiken dat sneuvelt is er één te veel."

Dat er zoveel kuikens sneuvelen komt volgens Van Harten omdat er te veel roofdieren zijn en dat merkt ook Strijtveen. "Eerst haalt de vos de meeste nesten leeg, dan komt de steenmarter, dan komen de roofvogels en als laatste doet de ooievaar nog een duit in het zakje."

Zijn er te veel ooievaars? In deze video zoeken we het voor je uit! De tekst gaat verder onder de video.


Bijvoeren

Het succes van de herintroductie van de ooievaar is te zien bij buitenstation De Lokkerij in het Reestdal. Zo’n honderd ooievaars staan op een veldje ongeduldig te wachten op hun avondeten. Er staan tien emmers eendagskuikens op het menu. Eigenaren Frits en Els Koopman beheren al veertig jaar het ooievaarsstation dat net over de grens in Drenthe ligt. Ze hebben zo’n vijftig ooievaarsnesten rondom hun huis. De ooievaars hebben nesten gebouwd op nestpalen, maar ook op het dak en in de grote kastanjeboom naast het huis. 

De vogel redt zichzelf

Volgens Wim van Nee van Stichting Ooievaars Research & Knowhow (STORK) is de populatie ooievaars stabiel en hebben de vogels geen hulp meer nodig. "Wij raden mensen echt af om ooievaars te voeren."

Van Nee vindt ook het het neerzetten van nestpalen niet overal nodig. "De ooievaar kan zelf wel bepalen waar hij een nest bouwt. Als er geen boom of eten in de buurt is, hoef je daar ook geen nestpaal neer te zetten. Dat gebied is dan voor andere vogels."

Toch voert Frits Koopman graag zijn ooievaars. "Wij doen dat om ervoor te zorgen dat de ooievaars in goede conditie zijn als ze op trek gaan. In een warme periode zoals we laatst hebben gehad is er weinig voedsel te vinden."

Het bouwen van nieuwe nestpalen doet Koopman niet meer. "Er valt wel eens een paal om, dan gaan we geen nieuwe meer neerzetten."


De ooievaar valt gewoon heel erg op, hij doet geen enkele moeite om zich te verstoppen
STORK

Te veel?

Zijn er dan te veel ooievaars? Er zijn nu ongeveer 4000 ooievaars in Nederland. Volgens Van Nee valt dat aantal wel mee, maar vallen ze gewoon heel erg op. "Alle jongen zijn inmiddels groot en gaan uitvliegen. De ooievaars zijn nu ook aan het groeperen om daarna samen naar het zuiden te vliegen. Je kan lokaal dus heel veel ooievaars zien. Er zijn ongeveer evenveel purperreigers als ooievaars in Nederland, maar die vallen helemaal niet op. De ooievaar is een opvallende vogel. Hij doet geen enkele moeite om zich te verstoppen."

Heb je een nieuwstip of nieuwe informatie? Tip de redactie via een WhatsApp-bericht: 06 - 57 03 33 33.